Nog meer Himba - Reisverslag uit Opuwo, Namibië van Fred Daniels - WaarBenJij.nu Nog meer Himba - Reisverslag uit Opuwo, Namibië van Fred Daniels - WaarBenJij.nu

Nog meer Himba

Door: FredDaniels

Blijf op de hoogte en volg Fred

10 Juli 2011 | Namibië, Opuwo

Vandaag ben ik op mezelf nog 200km door Himbaland gereden. Over gravelwegen die diep doorsneden worden door (nu droge) rivierbeddingen. Het is steeds een stukje op snelheid rijden, 50 km per uur, en dan weer afremmen, want je kunt niet zien hoe het diepste deel van de droge bedding eraan toe is. Groeven, kuilen en modder. Zo te zien heeft het water in die rivieren wel twee meter hoog gestaan dit regenseizoen. Maar nu is alles droog en er hangt een grote stofwolk achter de auto. Ik probeer een beter beeld te krijgen van de omvang, en het aantal en de verspreiding van Himba settlements in deze omgeving.
Volgens Lesley zouden er wel 60.000 Himba in Namibie zijn. Een Himba homestead heeft een kraal in het midden. Daarin staan 's nachts de geitjes en overdag ook wel rundvee dat ziek is of dat moet bevallen. Naast de kraal een grote gezamenlijke (heilige ) vuurplaats. In de zichtlijn van de kraal en de vuurplaats is de deuropening van de hut van de chief van de settlement. Als ie uit zijn deuropening kijkt ziet hij dus eerst de vuurplaats en daarachter de kraal. De vuurplaats wordt gebruikt voor rituelen en ceremonien die met de voorouders en met het voortbestaan van de homestead te maken hebben: ziekte van mens en vee, feestelijkheden waar iedereen bij betrokken is.
Om de kraal heen zijn de hutten van de vrouwen van de chief. Er zijn ook hutten voor de kinderen, die vanaf drie jaar oud al niet meer bij de moeder slapen. Een man kan wel 10 vrouwen hebben, afhankelijk van zijn aantal stuks vee.
Als een man overlijdt gaat de zorg voor zijn vrouwen naar zijn broers, en als die te oud zijn, vallen ze onder de verantwoording van zijn zoon(s).
Ieder hutje heeft een eigen vuurplaats in het midden. Daarop wordt gekookt en het houdt de lemen wanden en vloertjes lekker warm om 's avonds in het hutje te zitten en er 's nachts te slapen. De hutjes zijn van houten staken die dichtgesmeerd zijn met leem: koeienpoep, vermengt met stro. Er zit een grasdak op, maar nu het droge seizoen is, zie ik ook veel hutjes zonder gras op het dak. Kennelijk zijn de wanden belangrijker dan het dak. Maar later zie ik ook homesteads met ijzeren golfplaten op de dakjes.
Als een man trouwt begint hij zijn eigen homestead, die geleidelijk aan groeit en groeit, naarmate zijn veestapel en zijn verantwoordelijkheden en zijn aantal vrouwen groeien. De homesteads van zonen zijn gewoonlijk in de directe omgeving van die van hun vader. Zo ontstaan er clusters van homesteads.
De Himba zouden semi-nomadische herders zijn. Ze trekken weg als het zo droog is dat hun vee weg wil. Aan de hoeveelheid materiele zaken in en om de hutjes te zien, zijn ze ook nu nog zo klaar om weg te trekken. Maar het afgelopen regenseizoen heeft het zoveel geregend, dat overal het gras heel hoog staat.
Volgens Lesley zal dat nog problemen geven met het nieuwe regenseizoen. Het gras staat nu zo hoog dat het vee het niet aankan om het kaal te vreten. Daardoor zal het nieuwe gras opgroeien tussen de harde halmen van het oude gras en dan kan het vee dat niet begrazen. De herders hebben dus nu veel werk om te zorgen dat het vee in ieder geval dit jaar het gras goed kaalvreet en niet alleen maar hier en daar een paar hapjes neemt om weer verder te lopen. Als er het volgend jaar minder regen valt, en er minder gras groeit moet het vee alsnog aanvullend grazen op die stukken die dit jaar onvoldoende begraasd zijn geworden. Teveel regen in een seizoen levert dus ook problemen op voor het volgend seizoen.
Toen ik dat gisteren begrepen had dacht ik dat het voor mij ook heel handig zou zijn om te zien waar het vee nu wel en waar het niet gegraasd heeft. Dat geeft in ieder geval voor dit jaar aan waar de grens van een homesteadclusters ongeveer is. Na een dag rijden schat ik een cirkel van ca. twee kilometer om de clusters, die al begraasd is. En het is pas het midden van het droge seizoen. Het gebied is verder begroeid met Mopani bomen. Die zijn niet hoger dan een meter of vier en ze zijn van onderen kaalgegraasd in de buurt van de homesteads. Daardoor kan ik precies zien wanneer ik weer een andere settlement nader.

Er zijn behalve Himba' s ook andere etnische groepen in het gebied: Herero en Angolesen. De laatsten zijn Portugees gekleed. Hier en daar zie ik autos en autowrakken bij de settlements.
de kuddes runderen die ik zie zijn 15 to 50 stuks groot en de kuddes geiten zijn 70 tot meer dan 100 dieren. tellingen en schattingen maken is een gewoonte van mij geworden.
Jonge mannen en jongetjes zijn de herders. Ze hebben ook herdershonden en ik zie Himbavrouwen en jongens die op ezeltjes water halen in jerrycans. Mannen en vrouwen melken allebei.

Ik heb nog niet besloten wat ik morgen zal doen. Een omweg via het uiterste noorden is wel aantrekkelijk, maar ik maak me wel zorgen dat op deze groffe gravelwegen mijn mooie modderbanden wel erg hard slijten. Ik zal ze straks nog heel hard nodig hebben en ze zijn niet in Afrika te koop. De Himba zijn wel geweldig interessant. ik zie ze als voorbeeld van nomadische herders die als eerst volgende sociaal-economische evolutielaag de gebieden van de oorspronkelijke jagers/verzamelaars zijn ingetrokken, maar mijn hoofddoel in dit zuidelijke deel van Afrika zijn de San zelf. Zij hebben tot twee eeuwen terug verspreid geleefd over heel zuidelijk Afrika, maar ze zijn nu alleen nog te vinden in de periferie van de Kalahari woestijn.
Ik kan eventueel morgen al eerst naar het uiterste noorden en dan langs de grens met Angola naar het oosten over gravel en stenen. Dat is ook ongeveer de grens van het Himbaland. Of ik kan via de route ten zuiden van Etosha terug en dan naar het oosten sneller en met minder materiaalkosten tot waar waar de San leven. Dat is ook nog wel 1000 kilometers rijden.
Ik stel de beslissing uit tot morgen.
wordt vervolgd,
Fred


  • 11 Juli 2011 - 06:22

    Kitty:

    Hallo Fred,
    Het klinkt allemaal weer interessant wat je op deze reis meemaakt.
    We blijven je volgen want dit is zeker een gebied waar we nog eens naar toe willen.

    groetjes Ab en Kitty

Reageer op dit reisverslag

Je kunt nu ook Smileys gebruiken. Via de toolbar, toetsenbord of door eerst : te typen en dan een woord bijvoorbeeld :smiley

Fred

Een photo zegt meer dan 1000 woorden. Zie mijn photosite op Flickr.com/photos/AlfredDaniels. Gymn. B. Sociale- en Culturele Antropologie in Leiden. Vele jaren in Azie: India, Maleisie; Thailand. Onderzoek bij jagers/verzamelaarsvolken. Zeven jaar gereisd in de Verenigde Staten. Nu op reis voor een nog onbekend aantal jaren in Afrika. Op zoek naar het Paradijs: nog niet gevonden. Wel gevonden: het wonder op de planeet Aarde. onderstaand artikel n.a.v interview door Alfons de Wit. Alfred Daniels zoekt naar de oorsprong van het leven. Alfred Daniels maakte, na het behalen van zijn Gymnasium bêta-diploma een opmerkelijke keuze. Waar een studie medicijnen; mechanica of natuurkunde voor de hand zou hebben gelegen, koos hij voor culturele antropologie. “Ik was geboeid geraakt door de vraag waar het leven vandaan is gekomen en hoe de mensheid zich ontwikkeld heeft. Dan kun je de verhalen lezen van archeologen, die vaak moeten uitgaan van allerlei ver- en vooronderstellingen, maar je kunt ook zelf gaan kijken bij de jagers- en verzamelaarsvolken. Dat zijn volken die in de manier waarop ze met de natuur omgaan nog het dichtst bij de oorsprong van het menselijk leven zijn gebleven. Er zijn nog een paar kleine groepjes over in de wereld. Kijk, toen ik nog studeerde in Leiden bestonden er al wel onderzoeken waarbij enkele individuen van zulke jagers-en verzamelaarsvolken buiten hun woon- en leefgebied zijn onderzocht. Die waren meegenomen naar de beschaafde wereld en die heeft men toen geprobeerd te interviewen en hun taal en hun verhalen op te schrijven. Als je echter een beeld van hun leefomstandigheden wil krijgen dan zul je de mensen ook in hun leefomgeving moeten observeren. Of dat gevaarlijk is? Ik weet het niet. Je moet ze met open blik tegemoet treden en primitief kunnen leven. Gelukkig hebben we nu ook moderne medicijnen en snel vervoer voor als het mis gaat. Kijk zij hebben ook een bepaald comfort in hun leven, maar dat zit in kleine dingen en alleen als je met hen samenleeft kun je daar ook van genieten: lekkere dingetjes om te eten, een heerlijk beschut plekje om te slapen. Ze leven in kleine groepen van maximaal 35 mensen die van bladeren en takken een hutje bouwen. Als het voedsel, dat ze rond hun kampje verzamelen, begint op te raken pakken ze hun spullen op hun rug en maken ze een nieuw kamp een paar kilometer verderop. Als mens kijken ze echt door je heen. Ze hoeven niets van jou, dus het persoonlijke contact is alles voor hen. In Maleisie is zo' n groep waarvan bekend was dat ze zo schuw waren dat je er alleen maar lege dorpjes kon zien, waaruit de mensen weggelopen waren. Ik werd daar onmiddellijk geaccepteerd en toen ik vroeg waarom ze niet weggelopen waren toen ze mij zagen komen, zeiden ze ‘Als je ogen het zelfde uitstralen als je hart, dan kunnen we wel met je omgaan’. Misschien is dat bij mij het geval, want ik heb nog nooit problemen gehad om contact te leggen met zulke volken. Daniels ging op zijn twintigste al, over land, naar India. “in dat deel van Azie zitten nog wel 200 stammen, volken. Bovendien is India een van de oudste en meest invloedrijke culturen in Azie, met een grote diepgang. Op de universiteit ontmoette ik mijn vriendin Corry van der Sluijs, waarmee ik jarenlang samen heb gereisd. Helaas is zij in 2002 aan kanker overleden en sinds die tijd ga ik weer alleen op pad. Begin van dit jaar ben ik naar Afrika gegaan. Ik heb tweedehands een auto gekocht waarmee ik in de bush uit de voeten kan en ik ben eerst door het Krugerpark getrokken en daarna vooral in de Kalahariwoestijn. In zuidelijk Afrika leven de San of bosjesmannen. Er liggen ook nog savannegebieden, waarvan gedacht wordt dat het de omgeving is waar in de oudheid de eerste mensen rechtop zijn gaan lopen. Ook de dieren waarop ze gejaagd hebben zijn daar nog in het wild te observeren. Ja, de eerste mensen hebben zich ontwikkeld in Afrika; alle opgravingen wijzen daarop. Hoe zij hun eigen wereld beleven, dat is nu mijn belangrijkste thema. Het grootste verschil met ons is dat ze leven in een organische verbondenheid met hun omgeving. Alles in hun omgeving heeft een levende ziel en hoewel alles voortdurend van vorm verandert: alles groeit, alles beweegt, blijft het dezelfde ziel houden. Door de kracht van hun eigen ziel hebben ze mentaal invloed op hun omgeving. Daardoor hebben ze een volledig vertrouwen in de natuur en leven met de zekerheid dat ze altijd genoeg zullen hebben. Als ze bedreigd zouden worden of als er te weinig regen valt, dan trekken ze weg naar een ander deel van de natuur. Ze bezitten weinig maar ze hebben het gevoel dat alles om hen heen voor hen is. Het is inderdaad dichtbij het paradijs” Daniels doet zijn werk volledig onbetaald en ontvangt van geen enkele instantie subsidie. “Het zou wel lekker zijn, maar ik kan mezelf financieel net overeind houden. Ik ga wel naar internationale conferenties, maar ik heb voor mijn werk nog nooit iets gevraagd en ook nog nooit gesolliciteerd. Mijn manier van leven heeft als voordeel dat ik me geen zorgen hoef te maken voor een carrière, ik hoef geen baas naar de mond te praten, en niemand te overtuigen van het nut van wat ik doe. Ik doe dus precies datgene waarvan ik vind dat dat belangrijk is en dat dat nodig is. Daardoor kijk ik ook heel open naar de wereld om mij heen en vaak loop ik tegen zaken aan waarvan ik denk ‘dat niemand daar nou nog is opgekomen’. Als ik het dan belangrijk vind breng ik het onder de aandacht en kunnen degenen wiens baan dat is er misschien iets aan doen. Zo werd laatst een hele grote milieuconferentie gehouden in Kopenhagen. Ik kreeg het programma in handen en zag dat er geen woord in stond over flairs, dat zijn affakkelinstallaties op gas- en olievelden. Die staan 24 uur per dag te branden en roet uit te stoten. Ze brengen methaangas tot heel hoog in de atmosfeer, waar het niet kan uitregenen. Methaan is 23 keer slechter voor het broeikaseffect dan CO2. Ik heb een mail gestuurd naar de VN organisatie die verantwoordelijk was voor toezicht op de olie-en gasbronnen. Met de milieuconferentie in het vooruitzicht moesten ze wel met een standpunt komen. Twee weken na mijn mail was er 200 miljoen beschikbaar om het flair probleem op te lossen. Zo heb ik ook indertijd iedereen die ik kende gewaarschuwd om niet naar Afghanistan te gaan. Het is een wespennest daar. Ik ben zelf in 1975, toen er nog geen sprake van oorlog was, een maand door Afghanistan gereisd. Sindsdien bleef ik de ontwikkelingen daar enigszins volgen. De oorlog daar gaat volgens mij helemaal niet om Taliban of El Queda of om de ontwikkeling van vrouwen en arme mensen. Het gaat om wegvallende defensie budgetten aan het einde van de koude oorlog. Verder praat niemand erover waar de heroine van Afghanistan blijft. Het land is de grootste heroine producent ter wereld. Kofi Annan heeft eens gezegd dat er in de handel in verboden drugs in de wereld evenveel geld omgaat als in de autoindustrie van Europa en Amerika tesamen. Ook schijnt niemand te weten dat er grote olie -en gas voorraden gevonden zijn in het noordoosten van Afghanistan in het midden van de jaren zeventig, waarna er een stammenstrijd om de macht (contracten) ontstak. Ik heb er ook voor gewaarschuwd dat een enkele muntsoort voor heel Europa het onmogelijk maakt om verschillen in welvaartsontwikkeling tot uitdrukking te brengen, zoals voorheen gebruikelijk was door middel van inflatie van een muntsoort. Daarom waren de Peso, de Lira en de Dragme zoveel minder waard dan de D-mark en de Gulden. Het risico dat de ondernemers snel en flexibel konden incalculeren wordt nu dus afgewenteld op de overheid die geen ander middel beschikbaar heeft dan het door te schuiven op de belastingbetaler. Helaas wilde men naar deze adviezen indertijd niet luisteren, hoewel velen moeten hebben begrepen dat ik gelijk had. Het zal een kwesties van eigenbelang en geld zijn: mooie baantjes voor mensen met veel ego en een middelmatig verstand, wat ze echt niet opgeven voor het algemeen belang, ook al worden ze betaald om juist dat te behartigen. Zulk soort ongevraagde en onbetaalde adviezen doe ik de laatste twintig jaar wel een paar keer per jaar; soms met de politiek, soms met de ontwikkeling van onze samenleving of wat goed is voor ons allemaal." Alfred Daniels kijkt uit naar de maand december. Dan pakt hij weer zijn rugzak om voor enkele maanden af te reizen naar Afrika, op zoek naar nieuwe inzichten in het ontstaan en de ontwikkeling van de mensheid. Ik begrijp het leven nu wel veel dieper dan 30 jaar terug, maar het blijft een wonder en een passie om er zoveel mogelijk van te leren. ” Wie zijn reizen in Afrika wil volgen moet blijven kijken op de weblog: freddaniels.waarbenjij.nu

Actief sinds 26 Dec. 2010
Verslag gelezen: 372
Totaal aantal bezoekers 344131

Voorgaande reizen:

27 December 2010 - 15 Augustus 2023

Zuidelijk Afrika

Landen bezocht: